Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. leder weekend krijgt u de hoogtepunten van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen.

Home » Data-R0-IFR » Immuniteit Fictie of Feit?

Immuniteit Fictie of Feit?

Samenvatting van het artikel

Is immuniteit fictie of een feit? Het percentage antistoffen tegen het coronavirus is veel hoger dan uit de tests naar voren komt. In dit artikel laten we zien dat de testen verkeerd geïnterpreteerd worden en maar een deel van het werkelijke aantal resistente personen toont. De meeste mensen met antistoffen in het bloed weten niet dat ze besmet zijn geweest. De veronderstelling dat het merendeel van de mensen nog ontvankelijk is, lijkt nergens op gebaseerd.
Een blog van Jillis Kriek

Lees volledig artikel
Leestijd: 6 minuten

Is immuniteit fictie of een feit? Om inzicht te verschaffen in de hoeveelheid mensen die besmet zijn geraakt, is de serologische test ontwikkeld en de bloedbank Sanquin doet hier onderzoek mee. Deze test meet op specifieke antistoffen in het bloed, die aangemaakt worden bij het doormaken van een covid-19 besmetting/infectie. Met deze test kunnen we een indruk krijgen van de behaalde immuniteit van het virus in Nederland.

Zo zijn de antistoffen in het bloed bepalend voor de schatting van het aantal reeds besmette mensen en het sterftecijfer dat op basis hiervan wordt berekend. De IFR vanuit het voorjaar komt dat dan op 0,65%. Voor de tweede golf ligt dit op 0,4% IFR.

De epidemie van 2017/2018 liet een hoger sterftecijfer van 1% zien en dat is inclusief gevaccineerde mensen waarbij het vaccin op 44% effectief werd geschat.

Wat is nu dan het probleem zou je zeggen? Het onverklaarbare is dat het RIVM er in hun aannames vanuit gaat dat iedereen in Nederland het virus zal krijgen en daar 0,65% aan zal sterven. 1,5% zal in de ziekenhuizen belanden. Dat is zeer alarmerend!

Immuniteit

Een aannemelijke stelling die volgens het handboek voor huisartsen voor influenza opgaat is dat iedereen in één en maximaal twee seizoenen in contact komt met een virus. Het is alleen nog nooit voorgekomen dat iedereen daar ziek van werd en het lijkt een veel te negatieve prognose. Wel zou je kunnen zeggen dat het een relatief nieuw virus is waar veel ouderen minder kruisimmuniteit of bestaande afweer tegen hebben opgebouwd.

Ze missen dus een deel van de voorsprong op jongeren die ze bij het influenzavirus wel hebben, daarentegen worden jonge kinderen gelukkig minder ziek van corona. Besef daarbij dat bij de Spaanse Griep de gemiddelde leeftijd van de mensen die overleden 28 jaar was, terwijl de gemiddelde levensverwachting 56 was. Bij corona is de gemiddelde leeftijd van degenen die overlijden 81 jaar, terwijl de gemiddelde levensverwachting 81 jaar is.

In gebieden die harder getroffen zijn in de eerste golf, lijkt er minder oversterfte bij de tweede golf. Bijvoorbeeld ook in Noord-Brabant en Limburg waar de epidemie begon. Dit zou kunnen duiden op een vorm van immuniteit. Toch zijn daar wel mensen aan of met corona overleden in de tweede golf. We gaan er voor het gemak vanuit dat er alleen corona heerste in het voorjaar.

Seizoeneffect

De corona epidemie is laat in het griepseizoen ontstaan en afgebroken door het aanbreken van het voorjaar en de lockdown. De epidemie kon dus niet uitdoven door het opbouwen van immuniteit. Wat hieruit volgt is een tweede golf in het najaar.

In de zomer zijn de sociale contacten beperkt gebleven, terwijl we in die tijd weerstand hadden kunnen opbouwen zonder dat er een al te grote kans was om erg ziek te worden. Dit zou je microvaccinatie kunnen noemen.

Antistoffen

Antistoffentesten meten vooral IgG en IgM antistoffen. Ongeveer na een maand zijn de IgM antistoffen op 100% daarna komen de IgG titers op gang. Volgens onderzoeken dalen de waardes ook weer waarbij de IgG antistoffen langer in het bloed blijven.

Coronatesten één pot nat?

Er is een duidelijk verschil tussen verschillende serologisch testen, zoals bijvoorbeeld blijkt uit dit artikel: Corona testen: zeker niet één pot nat. Er wordt gezocht naar verschillende antistoffen, sommige testen zijn meer specifiek en andere zijn gevoeliger.
Uit het stuk komt duidelijk naar voren dat de bloedwaardes en dus de het percentage mensen dat immuniteit heeft opgebouwd, na verloop van tijd dalen.

Weer 1,5 maand later, eind juni, bleek het percentage met SARS-CoV-2 antistoffen gedaald naar 4,1%. Deze daling komt doordat de meeste donoren die besmet zijn alleen een milde ziekte doormaakten of zelfs asymptomatisch bleven. Zij hebben daarom lage antistof titers die relatief snel onder de detectiedrempel zakken.

Geen paniek, dit wil niet zeggen dat er geen afweer meer overblijft!

Bij SARS-1 bleef de basis afweer vanuit B en T-cellen tot 17 jaar effectief tegen herbesmetting en ook bij SARS-cov 2 lijkt dit systeem prima te werken.

Als we de eerste en de tweede golf in Nederland met elkaar vergelijken en we kijken naar de bloedwaardes dan komt dit niet overeen. We zouden in mei veel hogere percentages moeten meten in verhouding met de oversterfte in het najaar.

In mei zagen we waardes van 5,4% over heel Nederland met een maximaal percentage van 9% in Brabant. Op zijn minst zouden we in mei twee keer zo hoge waardes moeten meten dan nu het geval is, dus rond de 4,5 miljoen meetbare besmettingen en een waarde van 26% gemiddeld. Welke tests er voor mei vorig jaar zijn gebruikt zijn, is ons niet bekend. Wel bleken de testen niet in voldoende mate geschikt om te bepalen of iemand besmet is geweest.

Alternatieve testen

Vanaf mei is er een meer betrouwbare test in Nederland gekomen, ingekocht door onze minister van volksgezondheid zelf. De Wantai ELISA test.

Critici vinden dat het onderzoek tot dusver niet toereikend is geweest omdat de bloeddonoren als subgroep niet representatief zijn voor heel Nederland. Daarbij was het alleen mogelijk om bloed te doneren als je de weken daarvoor niet ziek geweest bent. Antistoffen covid-19Uit onderzoeken in andere landen komen dan ook andere getallen naar voren, over het algemeen een IFR tussen de 0,1 en 0,4 procent.

Je kunt je echter afvragen of de bloedwaardes wel representatief genoeg zijn om een inschatting te maken van het aantal mensen dat weerstand heeft opgebouwd. Zoals vermeld nemen de waardes na verloop van tijd af. Het verval van de specifieke IgM antistoffen tot onder de detectiedrempel is ongeveer 55 dagen, dit verschilt per persoon.

Tot aan het huidige rapport van Sanquin werd er niet bij vermeld welke antistoffen zijn gepresenteerd, het gaat dus om de antistoffen die het snelst uit het bloed zijn verdwenen.

Een deel van de mensen die met SARS-CoV-2 geïnfecteerd zijn geraakt en asymptomatisch zijn gebleven of slechts milde klachten hebben gehad, lijkt nauwelijks of geen antilichamen te vormen. Dit blijkt uit huidig preliminair onderzoek, maar wordt bijvoorbeeld ook gezien bij asymptomatische infecties met H5N1 [3]. Dat betekent dat bij bevolkingsonderzoek of onderzoek van mensen in kritische beroepen het werkelijke aantal besmettingen onderschat zal worden. Het is niet duidelijk hoe groot die onderschatting is, omdat nog onvoldoende onderzoek is gedaan naar asymptomatische en milde infecties met SARS-CoV-2 om deze vraag te kunnen beantwoorden. Het is ook niet duidelijk of mensen met lage antilichaam niveaus misschien toch deels beschermd zijn.

Bij mensen die een milde infectie hebben doorgemaakt zien we dat de antistoffen veel korter in het bloed detecteerbaar blijven en dat er ook veel minder tot zelfs geen titers worden aangemaakt. Dit gaat zeer waarschijnlijk om een hele grote groep mensen. Deze mensen worden dus ook niet of minder opgemerkt met dit onderzoek.

De antistoffen zijn niet meetbaar maar er kan wel herkenning zijn aangemaakt in de T-cellen die samen met hulp van B-cellen het virus te lijf gaan. Op deze manier ben je toch grotendeels beschermd.

Uit recent onderzoek blijkt dat ongeveer iedereen die  besmet/geïnfecteerd is geraakt, beschermd is tegen een symptomatische herbesmetting.

De bijsluiter van de test en een validatie rapport onderschrijven deze conclusie:

Negative results do not preclude SARS-CoV-2 infection and should not be used as the sole basis for patient management decisions. False positive may occur due to cross-reactivity from pre-existing antibodies or other possible causes. Samples with positive results should be confirmed with alternative testing method(s) and clinical findings before a diagnostic determination is made. A negative result can occur if the quantity of the anti-SARS-CoV-2 antibodies present in the specimen is below the detection limits of the assay, or the antibodies that are detected are not present during the stage of disease in which a sample is collected.

Antibodies may be below detectable levels in patients who have been exhibiting symptoms for less than 15 days and in some immunosuppressed individuals. Therefore, negative results obtained with WANTAI SARS-CoV-2 Ab ELISA are only an indication that the specimen does not contain detectable level of antibodies and any negative result should not be considered as conclusive evidence that the individual is not infected with the virus.

 

Zie ook Instructies Wantai en validatie elisa en autoanalyzers

Om een goede indruk te krijgen van de prevalentie onder de bevolking zou men frequenter dezelfde personen moeten testen van uiteenlopende bevolkingsklassen of testen op T-cell antistoffen. Deze zijn beter geschikt om antistoffen te detecteren en blijven ook langer aantoonbaar.

oversterfte limburgZoals de testen nu zijn toegepast is het niet mogelijk daar een conclusie aan te verbinden wat betreft immuniteit onder de bevolking. Een onderzoek in Tokio liet zien dat er bij 40% detectie door de antistoffentest het aantal besmettingen ging teruglopen. Dit ging om mensen die elke week werden getest, we zullen dit percentage waarschijnlijk dus nooit gaan halen.

Met een commerciële test in Kessel is wel eens 44% gemeten. Dit is het hoogste percentage dat behaald is in Nederland.

Er is tijdens de tweede golf in Limburg niet meer sterfte dan in het milde griepjaar 2019.

De test is een hulpmiddel bij het bepalen van de immuniteit onder de bevolking en daar spelen veel meer factoren een rol zoals de werking van je immuunsysteem, en de heterogeniteit van dit virus.

Wij kunnen hieruit concluderen dat het virus veel verder is verspreid dan uit de tests naar voren komt en de percentages die uit de test volgen mogen feitelijk niet zo geïnterpreteerd worden. Antistoffen nemen soms snel af en zeker bij asymptomatische gevallen die de meerderheid van de besmettingen vertegenwoordigen zijn ze heel moeilijk detecteerbaar.

Het asymtomatische percentage laat zien dat zeker niet iedereen besmet kan raken. De aanname dat maar 13% tot nog toe besmet is geweest en nog 87% ontvankelijk is, blijkt niet gegrond. Natuurlijke groepsbescherming kan zelfs niet worden uitgesloten.

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

  • MEER OVER
BEKIJK OOK