Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. leder weekend krijgt u de hoogtepunten van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen.

Home » COVID-19 » Is dit het kantelpunt?

Is dit het kantelpunt?

Samenvatting van het artikel

De dagcijfers van de GGD-teststraten is de vroegste indicator van de ontwikkelingen in Nederland. Als je die goed bekijkt de laatste week dan lijkt zich een belangrijk kantelpunt af te tekenen. Is dit de start van de daling die samenhangt met ons seizoenspatroon?

Lees volledig artikel
Leestijd: 6 minuten

Als je naar de pure GGD-cijfers kijkt dan is er de laatste paar dagen iets bijzonders aan de hand. Er is een stabilisatie waarneembaar, die een indicatie kan zijn van het belangrijke seizoenskantelpunt.

Het GGD-dagcijferpatroon

De dagcijfers van het RIVM t.a.v. het aantal positieve testen heeft in werkelijkheid betrekking op meerdere dagen en is op dagbasis mede daardoor moeilijker te analyseren. Sinds bijna 2 maanden zijn ook de dagcijfers van de GGD-teststraten bekend en die geven een zuiverder beeld. Ongeveer 85% van de gemelde positieve testen van het RIVM zijn afkomstig uit die GGD-teststraten.

Bij de GGD-teststraten zien we een patroon waarbij in het weekend er minder mensen komen om zich te laten testen en op werkdagen duidelijk meer. Op vrijdag komen er wat minder mensen dan de vier dagen ervoor.

We zien daarbij een duidelijke relatie tussen het aantal mensen dat zich laat testen en het aantal positieve testen. Hieronder de grafiek van het aantal uitgevoerde testen door de GGD gedeeld door 10 en het aantal positieve testen. Daar waar de groene lijn boven de gele lijn ligt, is het percentage positief getesten hoger dan 10%. Dat was het geval tot de winterperiode rond 10 februari. Daar waar de groene lijn onder de gele lijn ligt, is het percentage positief getesten onder de 10%.

De wekelijkse dalen in de grafiek zijn de weekends. Tijdens de winterweek waren de teststraten één hele dag en twee halve dagen dicht. Bij dit overzicht is ook belangrijk te beseffen dat sinds de basisscholen eind januari weer open zijn gegaan er een veel ruimer testbeleid is t.a.v. basisschoolleerlingen (en hun familieleden). Inmiddels lijkt circa 25% van allen die zich laten testen gerelateerd te zijn aan mogelijke besmettingen op basisscholen.

Er is veel discussie over de mogelijke relatie tussen het aantal mensen dat zich laat testen en het aantal positief getesten. Bij het bepalen van de reproductiefactor door het RIVM kijkt men alleen naar het aantal positief getesten, los van het aantal personen dat zich heeft laten testen.  In haar modellen lijkt het RIVM aan te nemen dat het aantal positief getesten ongeveer even hoog is als het aantal Covid-19 geïnfecteerden met symptomen. Het aantal Covid-19 geïnfecteerden zonder symptomen wordt door het RIVM geschat op een factor 3 a 4 keer zo hoog.

Anderen vinden dat je ook het totaal aantal getesten mee moet nemen en dat alleen het percentage positieven van belang is.

Als ik naar alle cijfers rondom PCR-testen met een deel positieve testen van mensen die niet meer besmettelijk zijn, en de ontwikkeling van de cijfers in Nederland sinds september kijk, dan denk ik dat de waarheid de afgelopen 6 maanden ergens in het midden ligt. Als je naar het reproductiecijfer kijkt op basis van de ziekenhuisopnames, dan zie je een cijfer dat gemiddeld 0,1 lager ligt dan op basis van het reproductiecijfer dat het RIVM bepaalt louter op het aantal positieve testen. Bij de dagelijkse berekeningen van het Green Team op onze site is dat rond de 1,06.

De ziekenhuisopnames lopen natuurlijk achter op de ontwikkeling van het aantal positief getesten. Aangenomen wordt dat er gemiddeld 6 tot 7 dagen na de besmetting mensen zich laten testen. En 11 tot 12 dagen na de besmetting krijg je de ziekenhuisopnames. Er zit een gemiddeld verschil van 5 dagen tussen die twee cijfers.

De groeifactor van week op week

De vroegste indicator van de ontwikkeling zijn de GGD-dagcijfers. Maar die kun je alleen goed bekijken door de ontwikkeling te vergelijken met exact de week ervoor.  De onderstaande grafiek laat zien in welke mate de cijfers van dag tot dag veranderen t.o.v. de week ervoor. Dat is dus de groeifactor. In het blauw het aantal mensen dat zich laat testen en in het geel het aantal mensen dat een positieve uitslag heeft gekregen. Het is een voortschrijdend gemiddelde

  • Vanaf half februari tot eind februari zien we een forse stijging. Een groeifactor die oploopt naar 40 tot 50%.  In tegenstelling tot wat toen verwacht werd, gingen de ziekenhuisopnames echter een week erna niet omhoog. Dat kan deels liggen aan het feit dat de toename van de geconstateerde besmettingen vooral in de jongere leeftijdsklassen vielen. Van de Britse variant gaan wij ervan uit dat die 24% besmettelijker is en die heeft zich in februari/maart in Nederland sterk verspreid. Inmiddels is die variant in Nederland dominant.
  • Vanaf eind februari daalde daalde de groeifactor en een week naar nul. Dat lijkt vooral samen te hangen met het feit dat er een krokusvakantie van 10 dagen was en de basisisscholen gesloten waren. Eerst in het zuiden van Nederland en daarna in de rest van het land.
  • Vanaf 6 maart zien we weer een duidelijke stijging. Dat lijkt deels samen te hangen met het feit dat de vakantie van de basisscholen weer voorbij waren.  Sinds half maart zien we de ziekenhuisopnames aan het stijgen. Bij lange na niet in het tempo van het meest waarschijnlijke scenario dat Van Dissel presenteerde in het Catshuis op 6 maart. Die gaf aan dat met de maatregelen, die op dat moment golden, we nu op een IC-bezetting zouden zitten van ruim 1000 Covid-19 patiënten. Dat zou nog oplopen tot eind april naar 1400 eind april. Hetzelfde aantal als begin april 2020. Dat was de hoge derde golf  in april waar Rutte en De Jonge dusdanig bang mee werden gemaakt dat ze bij hun persconferentie van 8 maart heel somber waren over de nabije toekomst en zelfs geen terrassen geopend mochten worden. In werkelijkheid is de IC-bezetting op dit moment 700, circa 125 meer dan op 6 maart, maar bij lange na niet die ruim 1000 van de presentatie van Van Dissel.
  • Maar wat zien we sinds half maart? Die groeifactor neemt geleidelijk af. Met nog een klein bultje (wellicht toch het effect van de Tweede Kamerverkiezingen?) zien we een daling van de groeifactor in de richting van 0%.

Dus terwijl we sinds half februari regelmatig het woord  “exponentiële groeifactor” horen en Ab Osterhaus elke week bij Op1 mag roepen dat het helemaal de verkeerde kant op gaat en de maatregelen nog strenger moeten worden, en het RIVM dinsdag nog meldde dat alle seinen op rood staan, zien we dat de laatste week niet terug bij de GGD-teststraten. Zeker niet als ik alleen de laatste drie bekende dagen (30 maart – 1 april) afzet tegen de week ervoor. Het aantal mensen dat zich liet testen nam met 5% af en het aantal mensen dat positief getest werd nam nog slechts met 1% toe.

Het duurt altijd ongeveer 2 weken voordat het RIVM met de reproductiefactor komt (op basis van het aantal positief getesten), maar je kunt nu al uit de cijfers afleiden dat ergens over 10 dagen de reproductiefactor die het RIVM dan meldt naar vrijwel 1 gedaald zal zijn.

Is dit nu een kantelpunt of niet?

Vanuit de ziekenhuisopnames zou je het nu nog niet echt zeggen. Maar door het naijleffect van de ziekenhuisopnames zou die stabilisatie of daling pas rond een week na nu voor het eerst merkbaar moeten zijn. Dit is het totaalplaatje inclusief de bekende cijfers van 2 april.

Goed is te zien dat de laatste paar dagen er een stabilisatie te zien is van de gele en de groene lijn.

Als je naar de seizoenspatronen kijkt van het virus vorig jaar in gebieden zoals de onze (in West-Europa en Noord-Oost Amerika) dan zie je dat begin april een kantelmoment was. Ook in een land als Zweden zag je dat vorig jaar. (Weliswaar met een wat lager dalingspercentage dan in Nederland). Er worden nog steeds grote discussies gevoerd of dat nu (vooral) kwam door de maatregelen of door het seizoenspatroon en het feit dat er minder mensen besmet konden worden door toenemende immuniteit.

Wat ook de reden is, de cijfers van de GGD-teststraten laten zien dat er in Nederland in ieder geval de laatste twee weken geen sprake is van een exponentiele groei.

Daarnaast weet je ook dat we ons de laatste drie weken niet “beter gedragen” ten opzichte van de maatregelen dan in de paar weken ervoor. Dus wordt het nog een grote uitdaging voor het RIVM en hun model deze stabilisatie vanuit dat model te verklaren. Vooral ook omdat het seizoenseffect niet of amper in dat model zit. (En we mensen als Marion Koopmans en Ab Osterhaus te pas en te onpas vergelijkingen horen trekken met warme landen waar het virus zich wel verspreidt. Daarmee lijken ze nog steeds niet te willen begrijpen dat in landen die dichter bij de evenaar liggen -zo tussen de 30 NB en 30 ZB- de seizoenseffecten van griep en dus ook Covid-19 een ander patroon kennen dan in onze contreien).

Het is om veel redenen heel jammer dat het mooie weer van dinsdag en woensdag niet voortgezet wordt in de komende tijd. Plus dat de luchtvochtigheid dinsdag en woensdag behoorlijk laag was. Het lijkt erop dat pas half april bij ons het weer t.a.v. de luchtvochtigheid in de meer “veilige zone” komt.  Maar het feit dat de zon langer schijnt en hoger komt te staan kan ook een positieve werking hebben.

De komende week zullen we echt weten of dit nu het seizoenskantelpunt al is of dat we daar nog wat langer op moeten wachten.

Als we de uitspraken van De Jonge over het feit dat we vorig jaar de maatregelen te snel hadden versoepeld en de woorden van Van Dissel en Osterhaus over de dreigende vierde golf in juli als we begin mei zouden versoepelen in ogenschouw nemen, vrees ik echter dat we onnodig gevangen blijven van het model van het RIVM en dat er amper versoepelingen zullen komen.

Daarom ter herinnering een interessante grafiek die ik op twitter tegenkwam over de eerste golf. Hij is van Fritsander Lahr. Het laat de ontwikkeling van de ziekenhuisopnames zien in relatie tot belangrijke gebeurtenissen. (Ziekenhuisopnames volgen gemiddeld circa 11 /12 dagen op besmettingen).

Ik weet nog goed hoe Burgemeester Bruls naar aanleiding van de grote drukte op die prachtige Hemelvaartsdag op televisie zei dat hij verwachtte dat in de zomermaanden door de autoriteiten toch wel stevige maatregelen genomen moesten worden.

Als ik zie hoe er dinsdag en woensdag is gereageerd op de vele mensen die van het heerlijke weer genoten, dan lijkt het er nog steeds op dat men in het afgelopen jaar weinig geleerd heeft over waar de echte risico’s rondom de verspreiding van het virus liggen. En men ook niet beseft hoe goed het is voor de mens en de gezondheid van de mens om buiten te zijn om van de zon te genieten.

Op veel manieren wordt het dus de komende maanden nog een hele spannende periode t.a.v. de ontwikkeling van de cijfers en t.a.v. de toenemende spanningen in de samenleving.

Maurice.nl blijft u op de hoogte houden van die ontwikkelingen.  Eerlijk, helder en kritisch. Daarvoor vragen we een kleine bijdrage.

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

  • MEER OVER
BEKIJK OOK