Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. leder weekend krijgt u de hoogtepunten van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen.

Home » COVID-19 » Nog een keer: relevante data gewenst

Nog een keer: relevante data gewenst

Bijvangst

Bij de publiciteit die gisteren ontstond naar aanleiding van de uitbraak in de zorginstelling in Maassluis trof ik een brokje informatie aan, dat ik nog niet had op basis van het vertrouwelijke document van het RIVM. Namelijk dat van de 17 besmette bewoners inmiddels 6 zouden zijn overleden.

Dat riep bij mij een vraag op met betrekking tot de informatievoorziening rondom besmettingen, ziekenhuisopnames en overlijdensgevallen, zoals het RIVM die nu wekelijks meldt.

Op de informatieve website van BDDataplan zocht ik naar informatie over die besmettingen en overlijdensgevallen in Maassluis.

Dit is het overzicht van het aantal besmettingen per gemeente:

 

En dit is het overzicht van Maassluis tussen 11 juni en 18 juli:

Aan de bovenkant zie je het aantal besmettingen. Dat is inderdaad een toename van het aantal besmettingen met 17 eind juni. De 18 van de verzorgers zie je niet, maar dat kan wellicht omdat ze elders wonen dan in Maassluis.

Ik zie een toename van 5 overlijdensgevallen tussen 29 juni en 15 juli. Of er inderdaad een zesde slachtoffer is kan uit dit overzicht niet gehaald worden.

Als ik op de website van het RIVM kijk zijn in die periode tussen 29 juni en 15 juli in heel Nederland 22 personen overleden in relatie tot COVID-19.

Dus bijna een kwart van de overlijdensgevallen in die periode kwam door de uitbraak in Maassluis.

Als het ventilatiesysteem in Maassluis beter had gewerkt, zouden er in die periode 17 personen zijn overleden.

Maar wat is er eigenlijk bekend van die andere 17?

 

Verzamel en presenteer meer relevante data

Van de weekcijfers van het RIVM (en de dagcijfers die door o.a. @mzelst en @edwinveldhuizen rond 14:15 uur op twitter worden geplaatst) weten we alleen de totalen en in welke gemeenten die hebben plaatsgevonden. Maar meer niet.

Bij het weekoverzicht van het RIVM zien we nog wel wat uitsplitsingen, maar die zijn ook niet echt eenvoudig te analyseren doordat ze tweewekelijkse waardes laten zien. Plus dat de informatie die gegeven wordt dusdanig globaal is en op zo’n manier wordt gepresenteerd, dat het eigenlijk weinig relevante verdiepingsmogelijkheden geeft.

Stel dat door het Offerfeest van afgelopen vrijdag de komende dagen het aantal besmettingen fors stijgt, dan is het relevant te weten dat het daardoor komt, omdat het tot andere conclusies kan leiden voor zowel besluitvormers als burgers. Maar als je amper extra informatie geeft houd je alleen een cijfer over, dat door iedereen vrijelijk kan worden geïnterpreteerd. (En doorgaans in de media wordt gebruikt om alarm te slaan).

 

Ik heb daar twee maanden geleden al een uitvoerig blog over geschreven met de (voor mijn doen toch wel vriendelijke) titel “Met een blinddoek op en watten in de oren wordt beleid gemaakt.”

Naast de wens om nu eens voor echt actuele data te zorgen (zonder correcties over de afgelopen weken), ging het mij om het verzamelen en presenteren van relevante data om echt inzicht te krijgen in wat zich aan het afspelen is.

Dan krijg je niet alleen de bruto cijfers, maar krijg je ook uitsplitsingen, inclusief verloop in de tijd, waardoor je beter begrijpt wat er aan de hand is.

Aan de hand van het advies dat ik toen gaf zal ik dit uitleggen.

Als iemand zich voor een test opgeeft, dan zou hij of zijn een vragenlijstje moeten invullen met daarin basisinformatie (zoals geslacht, leeftijd, postcode en beroep), de reden waarom men zich wil laten testen (iemand in de omgeving is besmet, vertoont symptomen, etc.) plus informatie over de geconstateerde symptomen. Ten slotte worden er vragen gesteld over het vermoeden waar en wanneer en in welk kader men het heeft opgelopen.

Zoiets is eenvoudig online af te wikkelen.

Iets dergelijks doe je dan ook bij ziekenhuisopnames (als het al niet was gebeurd bij de constatering van de besmetting) en bij overlijdensgevallen (als het al niet eerder was gedaan).

De uitslag van de test wordt nadien toegevoegd. En als die positief is dan worden ook nog specifieke resultaten van het BCO-onderzoek toegevoegd.

Dit gebeurt op een dusdanige wijze dat het volledig geanonimiseerd wordt zodra de relevante data binnen zijn.

Het doel is namelijk de cijfermatige analyse.

Als je het namelijk zo zou doen, dan krijg je een veel beter inzicht in het verloop van de besmettingen in Nederland. Hoeveel van degenen die zich hebben laten testen per dag/week hebben dat gedaan omdat ze symptomen hadden? Welke beroepsgroepen laten zich vooral testen? Hoeveel van de besmettingen zijn afkomstig uit hele specifieke situaties (uitbraak in een zorginstelling, in een kroeg of op een bruiloft)? Welke uitsplitsingen zijn er te geven ten aanzien van de vastgestelde data van degenen die in het ziekenhuis zijn opgenomen of zijn overleden? En ga zo maar door.

Dat zal in ieder geval twee effecten geven:

  • Het geeft de deskundigen meer handvatten/handvaten (MdH: beide mogen 😉 ) om te begrijpen hoe de verspreiding in Nederland verloopt en wat daar al dan niet aan gedaan kan worden.
  • Het geeft burgers een beter inzicht in wat de reële risico’s voor hen op dat moment zijn. Nu merk je dat louter het losse daggetal en de verschuiving ervan ten opzichte van de dag of de week ervoor, een eigen leven gaan leiden. De wijze waarop die in de media langskomen creëert bij nogal wat Nederlanders onrust, die wellicht voor hen op dit moment niet terecht is.

Als ik verantwoordelijk zou zijn voor het voeren van beleid, waarvan ik besef dat mijn beslissingen grote gevolgen kunnen hebben voor volksgezondheid, economie en andere facetten van de maatschappij, dan zou ik het onacceptabel vinden dat ik mijn beleid moet voeren met zulke beperkte, armetierige en vaak ook niet actuele data.

Terwijl het toch echt geen rocket science is om die data wel goed en gestructureerd te laten verzamelen. Maar dan moet je het niet laten doen door instanties als de GGD, die een heel ander specialisme heeft, maar dan moet je dat laten doen door specialisten in het verzamelen van goede data, op basis waarvan besluitvorming beter mogelijk is.

 

Herinnert u zich nog de film Airplane?

Zoals ik het nu zie lijkt het erop dat de piloten Mark en Hugo bezig zijn een zwaarbeladen Boeing 747 te besturen. Het vliegt door zware bewolking en in de verte zie je de bliksem, terwijl van de instrumenten alleen maar de kerosinemeter en de snelheidsmeter het doen. Ze hebben bij vertrek van de technici gehoord dat juist die meters een afwijking hebben van 50% naar boven en beneden. Ze zeiden daarbij nog “met 50% van de informatie kan je 100% van de beslissingen nemen”.  De radar was helaas al uitgevallen kort na het opstijgen…

Derde piloot Ferdinand loopt door de cabine om te kijken of de passagiers wel hun mondkapje op hebben. Hij bestudeert vooral “de chickies” aandachtig. “Jullie moeten 1,5 meter houden” roept hij nog, totdat hij bedenkt dat hij niet in het Vondelpark loopt, maar in een vliegtuig.

Purser Ab en stewardess Marion lopen gillend door de gangen om de passagiers te waarschuwen voor een volgende luchtzak. Ab heeft net nog tijd om via de boordradio de redactie van Op1 te melden dat hij de uitzending van die avond niet zal halen, maar de komende dagen er wel iedere dag weer hoopt te zijn. En boordwerktuigkundige Sjaak kijkt naar zijn instrumentarium en vraagt zich peinzend af of de data nu van de huidige vlucht zijn of van die van eergisteren.

Purser Wopke, die als passagier op deze vlucht zit, hoort de hele vlucht in zijn koptelefoon alleen maar het liedje “Wie zal dit betalen?” en heeft van ellende zijn slaapmasker maar opgedaan. En is nog steeds boos omdat ze bij het inchecken hem tussen twee Italianen hebben gezet.

Gelukkig komen de zuurstofmaskers naar beneden. Maar omdat het hoofd van de technische dienst Jaap nog met de handboeken werkt van een Cessna 140 uit 1948 was de zuurstofleiding helaas niet aangesloten.

Een moderne versie van de succescomedy “Airplane” uit 1980.

Ik wou dat dit bovenstaande alleen om te lachen was. Maar ik meen het serieus.

 

Gebruik de juiste specialisten

Als je na ongeveer 5 maanden in deze crisis nog niet geregeld hebt dat er wel goede data verzameld wordt en met de bevolking gedeeld, dan is het terecht dat steeds meer mensen vraagtekens plaatsen bij de kwaliteit van de data die wordt gepresenteerd en de kwaliteit van de besluitvorming door de regering. En dat laatste zal toch al automatisch gebeuren als we in het najaar pas echt de koude wind gaan voelen van de ontslagen en faillissementen door de besluiten die er tussen maart en nu zijn genomen.

Pak het nu eens echt professioneel aan. En besef bij het opzetten van het data-dashboard dat een belangrijke term is bij het werken met data “Gigo” . Dat betekent “Garbage in, garbage out”.

Maar heel af en toe bekruipt me het gevoel dat er mensen zijn die helemaal niet willen dat burgers een goed inzicht krijgen in de werkelijke ontwikkelingen. Laat staan dat ze echt geïnteresseerd zijn in het werk van mensen, zoals ik, die een bijdrage kunnen leveren, bij zowel het proces om te komen tot een goede besluitvorming als bij die besluitvorming zelf.

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

BEKIJK OOK