Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. ledere zaterdag krijgt u de hoogtepunten van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen

Home » COVID-19 » Zo sla je met een hamer vooral op je eigen vingers

Zo sla je met een hamer vooral op je eigen vingers

De persconferentie van dinsdag 13 oktober bevestigt de problematiek die wordt beschreven door 40 gerenommeerde professoren, waaronder topwetenschapper professor Dijkgraaf. Dit is de kern van hun open brief:

Al zeven maanden probeer ik met mijn blogs dezelfde boodschap over te brengen. Wat mij betreft zou “voor een deel te wijten aan” vervangen moeten worden door “grotendeels te wijten aan”.

De optelsom van de gevolgen

Het feit dat wetenschappelijke inzichten te laat worden geaccepteerd, heeft kolossale gevolgen. Denk aan wat er de afgelopen maanden niet is gebeurd, aan de gevolgen van wat Rutte en De Jonge dinsdagavond hebben aangekondigd en aan de gevolgen van wat er de komende maanden nog voor ons in het vat zit.

Vanaf maart zijn er nieuwe inzichten over de verspreiding van het virus, maar het RIVM en het OMT hebben daarvan op geen enkele wijze iets geleerd. Het wordt de komende tijd dweilen met de kraan open.

Te druk met talkshows?

Al maanden is bekend dat superspreading events de aanjager zijn van de snelle virusverspreiding. Tien procent van de patiënten zorgt voor 80 procent van de nieuwe besmettingen. En dat geschiedt in besloten ruimtes waar de omstandigheden zo zijn dat het virus lang kan blijven rondzweven. Zeventig procent van de geïnfecteerden besmet niemand.
Als je alleen maar vindt (en roept) dat mensen hun handen stuk moeten wassen en 1,5 meter afstand moeten houden, dan negeer je de belangrijkste manier waarop het virus zich verspreidt: via het zwevende virus dat je langdurig inademt.

Maar bij veel nieuwe besmettingen ligt het natuurlijk volledig aan ons, omdat het onze fout is dat we ons niet aan de opgedragen maatregelen houden. En dat vind ik ernstig. Het RIVM en het OMT hebben hieraan de meeste schuld. Een deel van hun medewerkers is zo vaak te gast bij tv-programma’s, dat ze blijkbaar geen tijd hebben om van de nieuwste wetenschappelijke bevindingen kennis te nemen. Gelooft u mij niet? Lees dan dit interview met epidemioloog professor Bouma.

Ziende blind

Ja, de maatregelen van half maart hebben de kans op superspreading events sterk verkleind. Maar er was nog een belangrijke component: het werd lente, waardoor het virus binnen moeilijker lang in de lucht kon blijven. Enerzijds door meer vocht in de lucht, anderzijds zaten mensen minder binnen met gesloten ramen en deuren. Maar wetenschappers van het RIVM en het OMT denken dat die daling van het aantal besmettingen volledig aan de 1,5 meter te danken is. Zij erkennen immers niet dat dit soort besmettingen vooral door de lucht gaat. Verder ontkent de Wereldgezondheidsorganisatie tot op de dag van vandaag dat er een seizoenpatroon te herkennen is bij Corona (dat lijkt op dat van influenza). Dus neemt men aan dat een gedeeltelijke lockdown ongeveer hetzelfde resultaat heeft als de complete lockdown van maart. Maar dat is om meerdere reden -helaas- niet zo.

Grotere risico’s

Naarmate de herfst vordert en we richting de winter gaan, zijn de omstandigheden voor het virus gunstiger. Het risico op besmetting neemt daardoor toe, zeker als we de grote rol van aerosolen en het belang van ventileren en luchtreiniging niet onderkennen. Lees hier hoe ze in Berlijn dat belang wel onderkennen, in navolging van Merkel!

Voortgezet onderwijs

Voor scholen in het voortgezet onderwijs zijn nu meer maatregelen aangekondigd, maar die zijn helaas van hetzelfde laken en pak. Ja, mondkapjes buiten de lokalen zullen het aantal besmettingen op scholen zeker doen afnemen. Maar juist voor in de klassen moet nu wel een strak ventilatieprotocol zijn inclusief CO2-meters. Ook dat doen ze in Berlijn veel beter. Maar ja, de commissie-Terpstra schreef op 1 oktober aan de scholen het volgende bij hun rapportage over de problematiek rondom ventilatie:
“Het RIVM laat ons weten dat het onduidelijk is of verspreiding via aerosolen een relevante rol speelt bij de verspreiding van het Coronavirus.”
Deze zin heeft ongeveer dezelfde strekking als de opmerking die professor Van Dissel onlangs maakte. Kort na de dringende oproep van de premier om mondbescherming in openbare binnenruimtes te dragen, gaf Van Dissel in een interview aan dat dit weinig zin heeft.

En ja, wat gebeurt er dan…?

Mijn inschatting is dat het voortgezet onderwijs de komende maanden een belangrijke besmettingsbron blijft. Via  de school zal een mogelijke besmetting zich toch over het land verspreiden. Weliswaar langzamer door deze “gedeeltelijke”  lockdown. Die kan worden beperkt door aandacht te schenken aan ventilatie thuis en een juiste luchtvochtigheidswaarde (tussen 40 en 60 procent bij kamertemperatuur).

De mondkapjesplicht in openbare binnenruimtes zal wel een positieve werking hebben, maar ik ben bang dat het te weinig is.

Kortom: ik denk dat de aangekondigde maatregelen in de komende weken tot een vertraging van de groei of tot een daling leiden. Alleen gaat het een stuk langzamer dan gewenst, omdat die belangrijke besmettingsweg in Nederland niet wordt onderkend. Ik ben dan ook bang dat we deze situatie tot eind maart/begin april houden. Met grote gevolgen voor alle onderdelen van onze samenleving.

Geen zicht op effect

Er is nog een groot probleem bij de maatregelen die nu zijn aangekondigd. Als de cijfers gunstiger worden dan weten we niet welke maatregel of maatregelen daaraan hebben bijgedragen. Het sluiten van de horeca? Het verbieden van amateursport? Of misschien de mondbescherming? En als de cijfers slechter worden, dan weten we ook niet waaraan dat ligt. In het laatste geval is het natuurlijk duidelijk wat de regering, het RIVM en de media zullen zeggen. Ondanks alles doen de Nederlanders nog steeds niet wat er van hen wordt gevraagd. De dan zwaardere maatregelen zijn dan natuurlijk weer onze eigen schuld. Want zelf goed in de spiegel kijken, daar doen RIVM/OMT en regering niet aan.  Dat zal wellicht pas ooit komen bij de Parlementaire enquete in 2022 of 2023, maar dan is het te laat.

We hadden vanaf het begin consequent relevante data moeten verzamelen. Ik beschrijf dat uitgebreid in het tweede deel van dit blog van 24 juni. Voorafgaand aan een coronatest zou iedereen een online vragenlijst moeten invullen. Met vragen die ook bij het bron- en contactonderzoek worden gesteld. Bijvoorbeeld: waar en wanneer denk je zelf dat je besmet bent geraakt? Aangevuld met relevante informatie (demografische gegevens, beroep) ten behoeve van analyses over het verloop van de besmettingen per week. Als iemand positief is getest, dan wordt er ook data verzameld over de symptomen en het verloop van de besmetting.

Vanaf 1 juni hebben 2,5 miljoen mensen zich laten testen. Als eerdergenoemde data consequent waren verzameld, dan zouden we nu een schat aan informatie hebben gehad! En wel geweten hebben hoe en waarom de ontwikkelingen waren gelopen, zoals ze gelopen zijn.

Maar dat is dus niet gebeurd. Het bron- en contactonderzoek verliep slecht en is nu amper nog uitvoerbaar.

Het gebrek aan deze informatie zal ons de komende maanden parten spelen. Het is overigens goed mogelijk om die data nu wel te gaan verzamelen (de techniek is ruimschoots beschikbaar). Maar zoals bij alle creatieve voorstellen zal ook van dit idee niet veel terechtkomen, ben ik bang…

Helaas…

Ik ben nog niet ingegaan op de kolossale gevolgen voor de andere facetten van onze samenleving. Vanaf maart 2020 is er veel schade veroorzaakt en die zal nu -om het woord maar te gebruiken- exponentieel toenemen. Vooral ook omdat ik denk dat het niet een kwestie van vier weken is, maar van een veel langere periode. OMT-leden kregen de afgelopen tijd alle ruimte in de media. Hierdoor is bij veel Nederlanders een sterk gevoel van angst aangewakkerd. Door die angstpsychose zijn de bevolking en de politiek blijkbaar niet meer in staat om goede afwegingen te maken en verstandige besluiten te nemen. Het lijkt alleen nog maar om het aantal beschikbare ziekenhuisbedden te gaan. Men staat niet stil bij de directe en indirecte schade van dit beleid voor de rest van de samenleving.
Wat is er volgend jaar nog over van die samenleving?

Gedurende de zomer hadden we alvast allerlei maatregelen kunnen nemen voor dit najaar. Zoals het door mij voorgestelde Deltaplan Ventilatie en een slim mondkapjesbeleid.

Voor de opvang van COVID-19-patiënten hadden we een noodhospitaal kunnen inrichten. Waarom is dat niet gebeurd? Dan hadden we de overige ziekenhuizen kunnen ontlasten. Het RAI-complex met het enorme lege hotel had daarvoor kunnen dienen. Een deel van het personeel hadden we uit het buitenland kunnen halen. Denk bijvoorbeeld aan Cuba, die dat -tegen de zo gewenste valuta nu het toerisme stilgevallen is- met meerdere landen doet.

Maar helaas niets van dit alles.
Alleen een routekaart, waarop trouwens niets staat over ventilatie als beschermingsmaatregel.

Zo kan je met die hamer alleen maar op je eigen vingers slaan.

Tot slot

Het aantal testen per week neemt aanzienlijk toe. Afgelopen week met 26 procent. Een deel van de stijgingen wordt hierdoor veroorzaakt. Als het RIVM niet meldt hoeveel er totaal is getest, dan vind ik dat media moeten weigeren om nog dagelijks de nieuwe cijfers van het RIVM door te geven.

Maar er is nog een schokkende bevinding. Bij het bepalen van de ernst van de situatie wordt gebruik gemaakt van de maat mbt de geconstateerde besmettingen per 100.000 inwoners. Op basis daarvan wordt bepaald wat het risiconiveau is van een regio. Hier staat het omschreven.  Maar als je 26% meer testen uitvoert, zoals de afgelopen week, dan neemt alleen daardoor het aantal geconstateerde besmettingen per 100.000 inwoners met gemiddeld 26% toe, zonder dat er sprake hoeft te zijn van een toename van het risico…..

Kortom het is een  maat, die bij de (sterke) toename van de testen er automatisch voor zorgt dat regio’s in een hoger risiconiveau terecht komen!


Maar zelfs als de nieuwe maatregelen binnen vier tot zes weken zouden leiden tot een aanzienlijke daling, dan lukt het ons niet om het aantal nieuwe besmettingen laag te houden wanneer we die maatregelen verlichten.

Want inmiddels is wel duidelijk dat er hele grote problemen zijn bij het bron- en contactonderzoek en de daaraan gekoppelde quarantaine. Als er organisatorisch niet hard wordt ingegrepen, dan blijven die problemen bestaan.

Helaas een heel somber beeld en het bewijs dat we eigenlijk niets geleerd hebben in de afgelopen zeven maanden.

Onze toekomst ziet er pikzwart uit als er niet snel wordt geluisterd naar de oproep van 40 professoren. Bij RIVM/OMT is de overplaatsing van veel personen en herschikking van verantwoordelijkheden noodzakelijk.

Het spijt me dat ik het niet mooier kan maken dan het is.

Hopelijk wilt u ons blijven steunen zodat wij u van de nieuwste onderzoeken op de hoogte kunnen houden en oplossingsrichtingen kunnen bieden.

Met af en toe een kleine donatie kunnen we dat werk op een grotere schaal volhouden.

 

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

  • MEER OVER
BEKIJK OOK