Wilt u ons werk financieel ondersteunen? Doe een kleine donatie en klik hier

De laatste updates in uw mail!

U hoeft niets te missen. ledere zaterdag krijgt u de hoogtepunten van Maurice van afgelopen week in uw mail. Met opmerkelijke artikelen, meer achtergrond en toelichtingen

Home » COVID-19 » Zo had de persconferentie ook kunnen zijn

Zo had de persconferentie ook kunnen zijn

Foto: epa08611201 Dutch Prime Minister Mark Rutte during a press conference about the current state of affairs in the country regarding the coronavirus, in The Hague, the Netherlands, 18 August 2020. EPA-EFE/BART MAAT OPTIONAL SOURCE

Ik heb de laatste maanden veel kritiek geuit op de aanpak van onze regering. Ook de laatste twee persconferenties zijn mij rauw op de maag gevallen. Er wordt geen gebruikgemaakt van de nieuwste kennis over het virus.

Het effect van alle maatregelen op onze maatschappij in termen van economie en werkgelegenheid, maar ook juist op de niet coronagerelateerde gezondheidszorg wordt nauwelijks ter sprake gebracht en kennelijk ook nauwelijks in de besluitvorming betrokken. En er zijn andere en betere manieren om de mensen anno 2020 (en zeker ook de jongeren) mee te krijgen in een gewenste aanpak.

In plaats van aan te geven wat mijn kritiek is op de inhoud van de persconferentie probeer ik op een constructieve wijze bij te dragen aan de maatschappelijke discussie. Dat doe ik door mijn visie te geven op hoe de laatste persconferentie van ons kabinet ook had kunnen verlopen. Onderbouwingen voor de inhoud van deze fictieve persconferentie kunt u terugvinden in mijn eerdere blogs, met name deze drie (1), (2), (3).

Tekst van Fictieve Persconferentie Kabinet Rutte

(Klik hier als u het als video wilt zien)

“Dames en heren. Nadat we, net zoals de meeste andere West-Europese landen, er begin juli in geslaagd waren het coronavirus onder controle te krijgen, zien we nu weer een opleving. Gelukkig is deze nog maar zeer beperkt, zeker als we kijken naar de ontwikkelingen in termen van ziekenhuisopnames, IC-belasting en sterfgevallen.

Desondanks kunnen we er niet gerust op zijn dat we het virus definitief een halt hebben weten toe te roepen.

Op basis van alle ontwikkelingen in ons land sinds maart van dit jaar beseffen we maar al te goed als regering, dat het onze gezamenlijke opgave is om een evenwicht te vinden tussen het minimaliseren van de gezondheidsschade die corona veroorzaakt, en het beperken van de ontwrichtende schade die maatregelen daartoe aanrichten aan onze maatschappij op allerlei andere terreinen, zowel wat betreft fysieke en psychische gezondheid, als ten aanzien van de economie en werkgelegenheid. Er is een evident risico dat het middel erger is dan de kwaal die we bestrijden.

Daarbij moeten we onderkennen en accepteren dat er ziektes zijn waar mensen aan dood gaan. Alleen aan longkanker zijn dat er in Nederland al ongeveer 10.000 mensen per jaar. En in 2018 zijn bijvoorbeeld ook ruim 10.000 mensen aan de griep overleden.

Er is een nieuwe ziekte op ons pad gekomen. Dat is niet fijn, maar we weten gelukkig dat het aantal mensen dat na besmetting aan deze ziekte overlijdt bij lange na niet die 3% is die de World Health Organisation (WHO) nog in februari aangaf.

Het lijkt ook ruim onder de 0,5% te liggen en betreft dan vooral ouderen, doorgaans met onderliggend lijden, zoals het ook met de griep het geval is. En ja, omdat het ziekteverloop ervoor zorgde dat patiënten gemiddeld 3 weken op een Intensive Care afdeling (IC) lagen in plaats van de gebruikelijke week, liepen onze IC’s vol. Bovendien was het tempo waarin het virus zich verspreidde in maart ongekend hoog.

We zien nu steeds duidelijker dat de gevolgschade van alle door ons genomen maatregelen tegen corona op de overige aspecten van onze maatschappij uitzonderlijk groot wordt en dat een nieuwe afweging noodzakelijk is.

Half maart konden we met wat we toen wisten waarschijnlijk niet anders doen dan wat we toen gedaan hebben.

Nu we inmiddels veel meer weten over het COVID-19 virus kunnen we nu wel een veel gerichtere aanpak volgen dan we tot dusverre hebben kunnen doen. En als iedereen zich daaraan houdt, hebben we er vertrouwen in dat dit voor zowel de individuele Nederlanders als voor Nederland in het algemeen de beste uitkomst biedt.

Daar hebben we iedereen bij nodig. En dat wil ik bereiken door volstrekt duidelijk te zijn waarom we bepaalde maatregelen nemen en u daarbij helpen om de voor u zelf zo goed mogelijke keuzes te maken.

 

Wat wij inmiddels wel weten

Daarom wil ik graag eerst met u delen wat wij inmiddels weten over het virus en hoe we dat gaan gebruiken bij onze nieuwe aanpak:

  • De kans dat iemand in de buitenlucht besmet wordt is gelukkig vrijwel nihil. Eerdere argumenten en illustraties van het besmettingsrisico in de buitenlucht, zoals de inmiddels beruchte wedstrijd tussen Atalanta Bergamo en Valencia of het incident met 14 jongeren op een terras in Dokkum, blijken bij nadere toetsing vrijwel zeker niet in de buitenlucht plaatsgevonden te hebben. Dus buiten is een veilige plek en daar moeten we van profiteren.
  • De kans dat iemand besmet wordt door overdracht via voorwerpen is eveneens vrijwel nihil. Dat bleek eigenlijk al in april, maar dat is de laatste tijd steeds duidelijker geworden. En ook dat is fijn om te weten. Persoonlijke hygiëne was en is altijd belangrijk, maar handen stuk wassen is om vele redenen niet goed.
  • Een afstand van 1 meter is net zo goed als 1,5 meter. In landen waar men een afstand van 1 meter aanhoudt, zoals in Italië, in plaats van de 1,5 meter zijn de effecten hetzelfde als in Nederland. Ondanks een bijna 4 keer zo grote bevolking hebben ze per dag ongeveer hetzelfde aantal besmettingen en doden als wij hier. Dus 1,5 meter is niet echt nodig. Door terug te gaan naar het houden van een afstand van 1 meter geven we elkaar meer ruimte op weg naar normaal.
  • In besloten openbare ruimtes met slechte ventilatie is het risico op besmetting het grootst. Dat aerosolen belangrijk zijn bij besmettingen heeft bondskanselier Merkel bij haar rede van 18 augustus ook opgemerkt. Dat merken we ook als we de voorbeelden van massale uitbraken nader onderzoeken. Die blijken vrijwel allemaal plaatsgevonden te hebben in besloten binnenruimtes, zoals bij bruiloften, familiefeestjes, begrafenissen en in kroegen.

Bij onze nieuwe voorstellen willen we nadrukkelijk rekening houden met het risico dat men loopt als gevolg van de combinatie van kwetsbaarheid van de persoon zelf en mogelijke besmettingen. De behoefte aan meer specifieke en meer doelgerichte maatregelen wordt immers steeds groter. Daarbij zullen we ook rekening kunnen houden met de grote verschillen aan risico’s op gezondheidsschade tussen ouderen en jongeren.

We willen meer plekken creëren waar mensen terug kunnen naar het oude normaal. En natuurlijk vooral ook jongeren tussen 15 en 30 jaar, die op dit moment wel heel erg worden beperkt in hun bij hun leeftijd horende behoefte aan interactie.

Dat kan alleen goed gaan, als we ons op de plaatsen en in de situaties waar wel serieuze risico’s zijn, goed aan de afspraken houden. En als we ook allemaal goed begrijpen waarom we dat doen.

 

Onze voorstellen

Daarom heeft het kabinet besloten vanaf morgen de volgende maatregelen in te stellen:

  • In de buitenlucht worden geen formele beperkingen meer opgelegd. Wel ontraden we u te lang met gezichten naar elkaar op afstand van minder dan 1 meter met elkaar te praten. En het is natuurlijk nooit slecht om drukke plekken te vermijden. Dat betekent dat we ook meer ruimte zullen bieden voor het bezoek aan stadions en het organiseren van evenementen in de buitenlucht. Wel zullen we die in het begin intensief monitoren.
  • Waar binnen nog wel beperkende maatregelen gelden, wordt de aanbevolen afstand verminderd van 1,5 tot 1 meter.
  • We richten ons binnenshuis en vooral in publieke ruimtes op goede ventilatie. We gaan ons met volle kracht inzetten op goed functionerende ventilatiesystemen zodat we, ook als het buiten weer kouder wordt, zo min mogelijk onveilige ruimtes hebben. Daarbij zullen we ook met spoed uit het aanbod aan ventilatiesystemen (filters en purifiers) die producten certificeren waarvan is gebleken dat zij het virus effectief verwijderen.
  • We zullen systematisch alle publieke binnenruimtes beoordelen op de kwaliteit van hun ventilatie. We zorgen ervoor dat zo snel mogelijk per publieke binnenruimte wordt vastgesteld of het ventilatiesysteem voldoet aan basale voorwaarden om het coronarisico te beperken. Wanneer dat niet het geval is, zullen er bepaalde beperkingen voor die ruimtes gelden. Iedere bezoeker zal dan op basis van een certificaat kunnen zien of die ruimte al dan niet coronaproof is. Dat wordt zowel bij de ingang aangegeven, als via een app.
  • We zullen een gericht beleid invoeren voor structureel kwetsbare burgers, zoals bijvoorbeeld in zorginstellingen en zelfstandig wonende ouderen. Het gaat erom dat deze burgers zich veilig kunnen blijven voelen, terwijl andere groepen niet onnodig beperkt worden.
  • We geven speciale aandacht aan het onderwijs. Daardoor is de kans het grootst dat dit voor iedereen zo belangrijke onderdeel van onze samenleving ongehinderd door kan gaan met zo min mogelijk risico’s voor alle betrokkenen.
  • We voeren drie kleurencodes in voor elke veiligheidsregio. Deze kleurencodes bieden een algemene indicatie voor het besmettingsrisico in de regio. Bij elk van de codes hoort een set van maatregelen. De kleuren zijn Groen, Oranje en Rood. Iedere dag wordt voor elke regio die kleur bepaald. Die kleurencodes zijn bepalend voor het gedrag in publieke binnenruimtes en adviserend voor kwetsbare mensen en mensen die bang zijn om besmet te worden. Als ruimtes niet coronaproof zijn en er is onvoldoende ventilatie, dan kunnen die alleen gebruikt worden onder stringente voorwaarden, zoals beperking van het aantal mensen, beperking van wat men daar mag doen, en verplicht gebruik van mondkapjes als men niet aan die beperkingen kan voldoen. Maar die beperkingen hangen samen met de kleur in die regio’s. Als de kleur oranje of rood is, dan zijn er ook beperkingen voor ruimtes die wel coronaproof zijn. (Ik verwijs naar het schema hieronder).
  • Als de kleurcode in een regio rood is, dan raden we mensen aan zoveel mogelijk vanuit huis te werken.
  • We gaan het testen op een aantal manieren verbeteren en verrijken. We gaan veel meer data verzamelen van degenen die zich laten testen, zodat wij en ieder ander het verloop van de verspreiding van het virus beter kunnen volgen en voorspellen. We gaan ook beter bepalen wat nu exact betekent als de uitslag positief is. Dat doen we door steekproefsgewijs mensen na een positieve uitslag nog een keer te testen. Deels via dezelfde testmethode, deels via het afnemen van bloed. Het hele proces van testaanvraag tot uitslag zal binnen 24 uur geregeld worden.
  • De dataverzameling en datapresentatie over de ontwikkelingen rondom het virus komt in handen van een externe groep deskundigen. Daarmee zullen alle Nederlanders een beter inzicht krijgen in wat de werkelijke risico’s zijn.
  • Bij de aanpak van de scholen zijn de aanpak en kwaliteit van de ventilatiesystemen in de school en de individuele lokalen cruciaal. Ieder lokaal/leraar krijgt een CO2 meter, waardoor het niveau van de luchtverversing continu gevolgd kan worden. In het protocol van de school staat vermeld wat er gebeurt als dat niveau van CO2 te hoog is geworden. Ook in relatie tot de kleurencode in de regio. Voor de verdere aanpak van de scholen verwijs ik naar het aparte advies in het Deltaplan Ventilatie; afdeling scholen.

Ten slotte

Dames en Heren, niet alleen Nederland maar de hele wereld staat voor grote uitdagingen. Wat zich het afgelopen half jaar heeft voltrokken heeft grote gevolgen voor alle facetten van onze samenleving. De toekomst wordt anders dan we ons het een half jaar geleden nog hadden voorgesteld.

We moeten alle zeilen bijzetten om dat ook een hoopgevende toekomst te laten zijn voor alle Nederlanders. De bestrijding van het coronavirus is slechts een onderdeel van die grote uitdagingen.

De gevaren zullen niet verdwijnen, maar zullen een onderdeel vormen van gevaren die we als mensen al veel langer kennen. En waarmee we geleerd hebben om op een goede manier om te gaan.

Ik ben ervan overtuigd dat we met de aanpak die ik u net heb geschetst een goed evenwicht hebben gevonden in het onder controle houden van de gevolgen van het virus, en het minimaliseren van de gevolgschade aan onze samenleving.

Door deze richtlijnen te respecteren, elkaar erop aan te spreken daar waar men dat niet doet, maar zeker ook degenen die het meest last hebben van die richtlijnen zo veel mogelijk te helpen, zullen we er samen goed uitkomen. Juist in een tijd van crisis is het goed als we dichter bij elkaar komen in plaats van dat we verder uit elkaar drijven.

Wij zullen goed luisteren naar uw ervaringen en adviezen en transparant zijn over de ontwikkelingen en onze eigen afwegingen.

Ik ben er trots op premier te zijn van dit land en van de ruim 17 miljoen Nederlanders. En als we dit echt samen doen, dan wordt op den duur het nieuwe normaal beter dan het oude.

 

P.S. En ik zou het op prijs stellen als u Maurice de Hond een klein beetje financieel helpt om zijn goede werk verder uit te breiden.

 

Deel dit artikel: Twitter Facebook Linkedin WhatsApp
REACTIES
Reageer hier, maar met respect.

We verwelkomen respectvolle en relevante opmerkingen. Off-topic commentaren worden verwijderd. Als je illegale dingen doet, zullen we het verbieden.

BEKIJK OOK